Het bankje net over de Duitse grens. Foto: Bernhard Harfsterkamp
Het bankje net over de Duitse grens. Foto: Bernhard Harfsterkamp (Foto: )
Columns

Vanaf een bankje | Net over de grens

Vanaf een bankje

Net over de grens

Door Bernhard Harfsterkamp

AALTEN – In mijn jeugd reden we elke zondag van Winterswijk naar Dinxperlo om mijn grootouders te bezoeken. Soms reden we binnendoor. Dan gingen we over de Driehondermeterweg op de Haart en staken daarna dichtbij grensovergang Hemden de Hamalandroute over, We bleven in de nabijheid van de grens en kwamen even voor Dinxperlo weer op de grote weg. Langs deze route ging ik op zoek naar een volgend bankje.

De route voltooide ik (nog) niet, want ik vond een mooi bankje aan het einde van de Veenhuisweg. Het staat bij een groene grensovergang en staat in Duitsland. Het is een soort picknickbank, die wat mij betreft veel te laag was. De ene bank heeft een rugleuning en als je die in de rug hebt kijk le ons buurland in. Als je op de andere bank gaat zitten kijk je Nederland in en vallen meteen allerlei borden op. Kaarten, informatieborden en wegwijzers maken dit knooppunt van routes enigszins "druk". Ons eigen land inkijkend valt meteen de verhoging, het heuveltje op, begroeid met bomen. Daarin is nog een ander bankje in een schuilhut te vinden. Ook staat er een hoge grenssteen met nummer 749.

Op die bult heeft ooit de Kreuzkapelle, de Kruiskapel, gestaan. Het is een kleine kerk geweest voor de Rooms Katholieken, die na de reformatie in de zeventiende eeuw en daarna tijdelijk niet meer in Aalten en Bredevoort naar de kerk konden. Bisschop Bernhard von Galen van het bisdom Münster liet deze kapel bouwen bij Hemden. Misschien voelde hij zich wel een beetje schuldig, want hij droeg er zelf aan bij dat zijn geloofsgenoten het moeilijk kregen. Deze naamgenoot was namelijk bekend als Bommen Berend, want hij was niet alleen geestelijke, maar ook krijgsheer. Hij belegerde Groenlo en Bredevoort. Daarbij werden allerlei wreedheden begaan, waardoor er gezegden ontstonden, die eeuwen later de kinderen nog bang moesten maken. De aanvoerders van de troepen van Oranje die uiteindelijk succesvol beide steden veroverden waren protestants.

In de Kreuzkapelle gingen 27 Duitse en 451 Nederlandse katholieken te kerke, maar die kwamen vermoed ik niet altijd allemaal tegelijk. In 1712 werd de kapel gerestaureerd en vergroot. Maar in 1823 was die niet meer nodig en werd die gesloopt. Een deel van het materiaal werd gebruikt voor een nieuwe kerk in Barlo. Even verderop langs de Kreuzkapelleweg is overigens nog steeds wat je een openluchtkapel zou kunnen noemen aanwezig. Er staat een groot kruis met daarop Jezus en ervoor staat een altaar. Op het grasveld er omheen is voldoende ruimte voor een kerkdienst.

We denken vaak dat de grens niet voor een scherpe scheiding heeft gezorgd. Als we dialect gebruiken verstaan we elkaar immers goed. Maar het landschap ziet er meteen anders uit. Het is grootschaliger. De bebouwing ziet er ook anders uit. Ik kan meteen zien of een huis of boerderij in Duitsland staat. De kleur bakstenen en de bouwstijl is anders. De boerderij in de verte lijkt totaal niet op de variant die even over de grens op de Haart staat. Wie even in ons buurland fietst ziet dat er in het buitengebied daar grote woningen staan, waarin meerdere gezinnen wonen. Zeg maar een flatje buitenaf. Mehrfamilienhäuser noemen onze buren dat. Alles is er groter, ook de bossen en natuurgebieden. Als het echter om het landschap gaat, merk ik hier bij de plek waar ooit de Kreuzkapelle stond, dat ik er in ons land meer van geniet. Mijn verblijf op Duits grondgebied was daarom kort.

Meer berichten