Foto:
Columns

Vanaf een bankje

Vanaf een bankje

Bij het Loohuisven

Door Bernhard Harfsterkamp

AALTEN – Een enkele keer is de actualiteit aanleiding om een bankje op te zoeken. De afgelopen week kreeg ik berichten over houtkap in het Loohuisbos, waarover lang niet iedereen te spreken was. Ik herinnerde me een bankje dat aan de rand van de waterplas midden in dat bos stond. Het bankje was er niet meer, waardoor ik een ander bankje moest zoeken. Langs het pad langs het bouwland dat tussen de twee delen van het natuurgebied het Loohuis ligt stond echter ook een houten bankje.

Het Loohuis, zoals eigenaar Natuurmonumenten het noemt, bestaat uit een bos, een ven en gras- en bouwlanden. Het is een van de oudste bezittingen van de terreinbeherende organisatie, die in 1905 werd opgericht. "In 1928 kocht de vereniging "Aaltens Belang" het Loohuis bij Aalten met het doel dit terrein, een ven met bos en bouwland, weer aan Natuurmonumenten over te doen. De heer Ten Houten, inmiddels bestuurslid geworden, bezocht het terrein en achtte het zeer waardevol; in de koopsom werd door Aaltens Belang in aanzienlijke mate bijgedragen." Dit schreef H.P. Gorter, jarenlang directeur van de organisatie, in een boek over de geschiedenis van Natuurmonumenten.

A.Th. ten Houten kwam uit een bankiersfamilie in Winterswijk, die ook een vestiging in Aalten had. Deze Ten Houten was geen groot liefhebber van geldzaken. Liever verkende hij de natuur van de Oost-Achterhoek, waar hij al snel veel van wist. Hij deelde zijn kennis graag met andere mensen, die hij de mooiste plekjes liet zien. Toch had hij ook wel zakelijke talenten, want hij heeft voor Natuurmonumenten regelmatig een rol gespeeld bij de aankoop van natuurterreinen. Mede dankzij hem kon al in 1918 een flink deel van het Korenburgerveen gekocht worden.

Het waardevolste gedeelte van het gebied was het ven, dat achter het bankje ligt waarop ik zit. Daar groeiden hoogveensoorten, die ook in 1928 al niet meer algemeen waren. Door verdroging van de omgeving groeide het ven echter geleidelijk aan dicht. Uiteindelijk was het een bos met berken en wilgen, maar aan een soort als eenarig wollegras kon je nog wel zien dat het er ooit anders uit had gezien. Inmiddels is het ven weer open gekapt dankzij de inzet van leerlingen uit groep 7en 8 van de basisscholen uit Aalten, die er tijdens een buitenles berken mochten omzagen en kleinere opslag konden wegknippen. Ook de werkgroep natuurbeheer van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging Oost-Achterhoek heeft daarbij geholpen.

Rechts in de verte zie ik stapels hout liggen bij de lus waar veel bezoekers van het gebied hun auto neerzetten. Ik deed dat ook vaak als ik de lessen Eco de Eekhoorn in de herfst of het Egelpad in het voorjaar klaar zette in de tijd dat ik nog voor een natuur- en milieueducatieorganisatie werkte. Op de plekken waar ik de houten egels en eekhoorns klaar zette met allerlei materialen, zodat de schoolkinderen er spelenderwijs met de natuur konden kennis maken, zijn nu veel grove dennen verwijderd.

Van een kaalkap is geen sprake. Ik vermoed dat Natuurmonumenten de variatie in het uit natuuroogpunt toch wel wat saaie bos wil vergroten door open plekken te creëren en andere boom- en struiksoorten een kans te geven. Tegenwoordig wordt echter meteen gezegd dat natuurorganisaties alleen maar zoveel kappen, omdat ze er geld aan kunnen verdienen. Dat hout wordt gebruikt om bij te stoken in energiecentrales. Een medewerker van Natuurmonumenten heeft mij enige tijd geleden gezegd dat zijn organisatie dit zeker niet doet. Op dit moment vind ik de kap nog geen onverantwoorde aanslag op het bos. Maar ik zal die medewerker nog een keer benaderen om te informeren naar de precieze bedoelingen.

Meer berichten